verleiding van heilige hieronymus

De Heilige Hiëronymus bracht lange periodes door als kluizenaar, eerst in Antiochië, later in de Egyptische woestijn en ten slotte nog 34 jaar in de buurt van Bethlehem. Daar leidde hij het bestaan van een klassieke woestijnvader, slapend op de grond, vastend, biddend en studerend, alles op gepaste afstand van zijn medebroeders en van de bewoonde wereld. Net zoals veel andere boetende kluizenaars droeg hij onder zijn pij een haren kleed dat zó prikkelde en jeukte, dat hij zich nooit echt comfortabel kon voelen.

Uit zijn eigen woorden blijkt dat het leven van de kluizenaar ook niet draaglijker werd door gewenning: 'Ik weende elke dag. Ik kreunde elke dag van ellende. Overmand door slaap probeerde ik mezelf toch wakker te houden, terwijl mijn botten haast uit elkaar vielen vanwege hun langdurige contact met de harde grond. Hoewel mijn enige gezelschap bestond uit schorpioenen, had ik vaak visioenen van dansende meisjes, die in mij het vuur van de lust hoog opstookten.'

Het zijn deze laatste verzuchtingen die de gebroeders Van Limburg hebben geïllustreerd. Hiëronymus knielt neer in gebed, maar een duivel rukt aan zijn halo - de stralenkrans die het teken is van zijn heiligheid - en probeert zijn aandacht af te leiden in de richting van een verleidelijk visioen: twee bevallige blondines met laag uitgesneden jurken, ranke halzen en een blanke teint. De beide meisjes bevinden zich niet in de woestijn, maar in hun natuurlijke habitat, de zondige grote stad. Dit beeld roept herinneringen op aan Hiëronymus' jaren in Rome, waar een lastercampagne over al te nauwe betrekkingen met het andere geslacht een einde maakte aan zijn klerikale loopbaan.

De tijdgenoten van de gebroeders Van Limburg hadden heel wat meer respect voor Hiëronymus en konden dan ook niet aanvaarden dat hij nooit een hoge functie had bekleed binnen de kerk. Vandaar dat er - zonder enige historische onderbouwing - een rode kardinaalshoed aan zijn voeten ligt, als symbool van een afgewezen kardinaalsambt. Ook het gegeven dat hij, volgens eigen zeggen, maar één oog had, is bij de Van Limburgs niet terug te zien, waarschijnlijk eveneens uit respect.

Volgens de legende werd Hiëronymus bijna negentig jaar. Hij blies zijn laatste adem uit in Bethlehem, uit eigen keuze buiten op de harde grond, slechts gekleed in zijn haren onderhemd en met zijn hoofd rustend op een steen.

Zo stierf de man die voor alle generaties christenen na hem het onderscheid heeft gemaakt tussen de canonieke en de apocriefe bijbelboeken. Met andere woorden: het was Hiëronymus de Kluizenaar die voor altijd heeft bepaald welke oude geschriften in de bijbel werden opgenomen en welke niet.

verzoeking van christus
Dertig jaar lang leefde Jezus onopvallend tussen zijn tijdgenoten. Toen begon Hij zijn openbare leven. Hij liet zich dopen in de Jordaan door zijn neef Johannes en trok zich veertig dagen terug in de woestijn. Daar vastte Hij en weerstond de verleidingen en uitdagingen van de duivel. De evangelisten vertellen hoe Satan Jezus meenam naar een hoogte vanwaar Hij de onmetelijkheid van de aarde kon zien. De duivel beloofde Jezus 'de koninkrijken van de wereld in al hun glorie' in ruil voor een knieval.

Zoals wel vaker bij de gebroeders Van Limburg lijken de vrome motieven niet meer dan een excuus om wereldse taferelen te schilderen. Op deze afbeelding zijn de beide protagonisten, Christus en Satan, bijna letterlijk het beeld uit gewerkt. De nadruk ligt ondubbelzinnig op de aardse rijkdommen die de duivel aan Jezus belooft. Deze zijn niet willekeurig gekozen: hier hebben de gebroeders de bezittingen geschilderd van hun opdrachtgever, de Duc de Berry. Zijn domein staat model voor de wereld. Aan de horizon zien we zijn hoofdsteden Poitiers en Bourges en enkele van zijn belangrijkste burchten. Op de voorgrond straalt ons het Château Méhun-sur-Yèvre tegemoet. Dit was het lievelingskasteel van de hertog. Hij had zich persoonlijk met de renovatie bemoeid en was er bijzonder trots op. Uit latere afbeeldingen (tegenwoordig is er van het kasteel niet veel over) weten we dat de weergave tot in details de werkelijkheid volgt. Het drukke scheepvaartverkeer op de Yèvre staat symbool voor de rijkdom uit verre landen. Behalve een paar zeilschepen zien we een Zuid-Europese galei van het type dat rond 1400 de Noord-Franse en Vlaamse kust begon aan te doen, maar niet erg geschikt bleek voor de onstuimige wateren van de Atlantische Oceaan. En natuurlijk zijn er de zwanen en de beer die symbool staan voor de hertog. De beer is in dit geval de boom in gejaagd door een agressieve leeuw. Deze frivoliteit verwijst waarschijnlijk naar een bewogen hoofdstuk uit De Berry's conflict met de Bourgondiërs, waarin hij tijdens het beleg van Bourges bescherming moest zoeken in een versterkt klooster.

aankondiging 1MariaBoodschap is de eerste aankondiging van Kerstmis, de geboorte van Jezus. We kennen het relaas uit twee elkaar tegensprekende evangelies. De evangelist Mattheüs schrijft hoe - in een droom - een engel de blijde boodschap bracht aan de vrome timmerman Jozef, de verloofde van de maagd Maria. De gebroeders Van Limburg hebben ervoor gekozen om een andere versie te schilderen, die van de evangelist Lucas. Lucas vertelt hoe God zijn boodschapper, de aartsengel Gabriël, naar de aarde zond om Maria zelf op de hoogte te brengen van zijn plannen met haar. Daarvoor moest Gabriël afdalen naar het onaanzienlijke plaatsje Nazareth in de heuvels van Galilea (nu een stad van 110.000 inwoners op de Westelijke Jordaanoever). De engel verscheen in de gedaante van een jongeman, stapte het huis binnen en zei: 'Gegroet, Maria, vol van genade, de Heer zal je behoeden.' Vervolgens voorspelde Gabriël Maria dat ze een zoon zou baren, die de Zoon van de Allerhoogste zou worden genoemd en voor eeuwig zou regeren op de Troon van David. Maria begreep dat de boodschap iets te maken had met de komst van de Verlosser, want als vrome Jodin leefde ze in de verwachting van de Messias. Maar ze vroeg zich af waarom juist zij was uitverkoren. Ze was bang en verbaasd en zei: 'Hoe kan dat gebeuren, want ik heb geen omgang gehad met een man?' Gabriël wist haar gerust te stellen door haar te verzekeren dat haar maagdelijkheid gespaard zou blijven en dat de Heilige Geest haar zou beschermen. Om te bewijzen dat hij echt een goddelijke boodschapper was, vertelde hij Maria nog een nieuwtje dat niemand anders kon weten, namelijk dat haar nicht Elisabeth, oud en onvruchtbaar, in verwachting was van een zoon (de latere Johannes de Doper).

 De aankondiging van de geboorte van Jezus is een van de belangrijkste thema's van de schilderkunst in de Late Middeleeuwen en de Renaissance. Er is vrijwel geen schilder van naam die er zich niet aan heeft gewaagd. Van de gebroeders Van Limburg zijn twee 'Aankondigingen' bekend, waarvan deze de oudste is.

 We zien de aartsengel Gabriël volgens de traditie afgebeeld met een lelie, symbool van zuiverheid, gekleed als een diaken (iemand die de laatste wijding vóór het priesterschap heeft ontvangen) en met twee uit de kluiten gewassen vleugels. Ook dit is een artistieke traditie. Nergens in de bijbel wordt vermeld dat engelen vleugels hebben. Integendeel: herhaaldelijk lezen we over mensen die bezocht worden door engelen, maar dat niet in de gaten hebben, zo menselijk zien ze eruit.

 In de bijzonder fraaie marge zien we, naast musicerende engelen, enkele profeten uit het Oude Testament die de komst van de Messias hebben voorspeld. MariaBoodschap is de eerste aankondiging van Kerstmis, de geboorte van Jezus. We kennen het relaas uit twee elkaar tegensprekende evangelies. De evangelist Mattheüs schrijft hoe - in een droom - een engel de blijde boodschap bracht aan de vrome timmerman Jozef, de verloofde van de maagd Maria. De gebroeders Van Limburg hebben ervoor gekozen om een andere versie te schilderen, die van de evangelist Lucas. Lucas vertelt hoe God zijn boodschapper, de aartsengel Gabriël, naar de aarde zond om Maria zelf op de hoogte te brengen van zijn plannen met haar. Daarvoor moest Gabriël afdalen naar het onaanzienlijke plaatsje Nazareth in de heuvels van Galilea (nu een stad van 110.000 inwoners op de Westelijke Jordaanoever). De engel verscheen in de gedaante van een jongeman, stapte het huis binnen en zei: 'Gegroet, Maria, vol van genade, de Heer zal je behoeden.' Vervolgens voorspelde Gabriël Maria dat ze een zoon zou baren, die de Zoon van de Allerhoogste zou worden genoemd en voor eeuwig zou regeren op de Troon van David. Maria begreep dat de boodschap iets te maken had met de komst van de Verlosser, want als vrome Jodin leefde ze in de verwachting van de Messias. Maar ze vroeg zich af waarom juist zij was uitverkoren. Ze was bang en verbaasd en zei: 'Hoe kan dat gebeuren, want ik heb geen omgang gehad met een man?' Gabriël wist haar gerust te stellen door haar te verzekeren dat haar maagdelijkheid gespaard zou blijven en dat de Heilige Geest haar zou beschermen. Om te bewijzen dat hij echt een goddelijke boodschapper was, vertelde hij Maria nog een nieuwtje dat niemand anders kon weten, namelijk dat haar nicht Elisabeth, oud en onvruchtbaar, in verwachting was van een zoon (de latere Johannes de Doper).

 De aankondiging van de geboorte van Jezus is een van de belangrijkste thema's van de schilderkunst in de Late Middeleeuwen en de Renaissance. Er is vrijwel geen schilder van naam die er zich niet aan heeft gewaagd. Van de gebroeders Van Limburg zijn twee 'Aankondigingen' bekend, waarvan deze de oudste is.

 We zien de aartsengel Gabriël volgens de traditie afgebeeld met een lelie, symbool van zuiverheid, gekleed als een diaken (iemand die de laatste wijding vóór het priesterschap heeft ontvangen) en met twee uit de kluiten gewassen vleugels. Ook dit is een artistieke traditie. Nergens in de bijbel wordt vermeld dat engelen vleugels hebben. Integendeel: herhaaldelijk lezen we over mensen die bezocht worden door engelen, maar dat niet in de gaten hebben, zo menselijk zien ze eruit.

 In de bijzonder fraaie marge zien we, naast musicerende engelen, enkele profeten uit het Oude Testament die de komst van de Messias hebben voorspeld.

zuivering van de maagd

Deze afbeelding behoeft tegenwoordig enige uitleg. We zien een episode uit het Evangelie van Lucas, waarin hij twee verschillende gebeurtenissen uit het leven van Maria op hetzelfde moment laat plaatsvinden.

De eerste gebeurtenis wordt verbeeld door de centrale figuur op de trap. Het is Maria, op weg naar de Tempel van Jeruzalem voor haar rituele zuivering. Volgens de joodse traditie is een vrouw na de geboorte van een kind onrein. Ten tijde van Jezus kon die onreinheid in twee stappen worden opgeheven: na zeven dagen dompelde de vrouw zich onder in een mikva, een ritueel bad. Hierdoor was zij gezuiverd voor de meeste functies, waaronder het huwelijksleven. Voor sacrale doeleinden, bijvoorbeeld het betreden van de tempel, duurde de periode van onreinheid langer: veertig dagen na de geboorte van een zoon en twee keer veertig dagen na de geboorte van een dochter. Om gezuiverd te worden diende de vrouw naar de tempel te gaan om aan de poort een offer te brengen. Voor een arme vrouw was een koppel duiven het minimale offer.

In de Middeleeuwen was de Reiniging van de H. Maagd (Maria-Lichtmis) een belangrijk feest. Dan gingen de vrouwen met kaarsen in optocht naar de kerk. De dag erna begon weer het werk op het land, dat enige weken had stilgelegen. Lucas laat dit zuiveringsritueel samenvallen met een andere plechtige gebeurtenis, de Opdracht in de Tempel, op deze miniatuur verbeeld door de in blauw en wit geklede Maria met kind en haar echtgenoot Jozef achter haar. Joodse gezinshoofden werden geacht hun eerste zoon op te dragen aan Jahweh, in navolging van Abraham die zijn eerstgeborene Isaak in gehoorzaamheid wilde offeren aan God. Gelukkig was ook voor deze verplichting een ritueel substituut. In de dagen na de geboorte van het kind ging de vader naar een priester en werd de verplichting afgekocht voor het in de Thora vastgestelde bedrag van vijf sjekels.

Het oorspronkelijke zuiveringsritueel zoals hierboven beschreven bestaat niet meer in zijn oorspronkelijke vorm. Na de mislukte joodse opstand in 70 na Christus en de daarop volgende verwoesting van de tempel van Jeruzalem door de Romeinen, verviel de mogelijkheid om aan de verplichting te voldoen.

Het gegeven dat een rituele zuiveringsperiode veertig dagen duurt, komt voort uit de bijbelse traditie: ten tijde van Noach werd de zondige wereld schoongespoeld door veertig dagen regen. De profeet Elias en Jezus vastten veertig dagen in de woestijn. Zelfs de traditionele lengte van een medische quarantaine (ook een zuiveringsperiode) besloeg, zoals uit het woord zelf blijkt, veertig dagen.

tfile 1301233195

Aan de Nederrijn waren de Drie Koningen bijzonder geliefd. Hun stoffelijke resten werden (en worden nog steeds) bewaard in de Dom van Keulen. De banden tussen Nijmegen en Keulen waren hecht. Nijmegen viel onder het bisdom Keulen. Het oude Colonia, de metropool van het noorden, was al sinds de Romeinse tijd de belangrijkste commerciële partner van de oude stad aan de Waal (een zwager van de gebroeders Van Limburg was er Nijmegens 'handelsattaché'). Het ligt in de lijn der verwachting dat de gebroeders Van Limburg Keulen hebben bezocht en in de Dom de gouden reliekschrijn van de Drie Koningen hebben bekeken, toen en nu beschouwd als een hoogtepunt van de edelsmeedkunst.

Afkomstig uit de heraldische wereld waren de gebroeders Van Limburg goed voorbereid op een internationale carrière. De heraldiek had zowel artistieke als diplomatieke componenten. Beide gaven aanleiding tot regelmatig reizen en veelvuldige contacten in 'betere' kringen. Beide droegen bij tot een brede talenkennis. De hoven van de groten der aarde waren de beste plekken om iets van de rest van de wereld te weten te komen, want daar kwamen gezanten, kunstenaars en geleerden van overal. De meest ontwikkelde edelen hielden er bibliotheken en verzamelingen op na, die konden dienen als artistieke inspiratiebron. In de menagerie van hertog Willem op het Valkhof in Nijmegen zagen de gebroeders met eigen ogen een kameel en een leeuw, aan het Bourgondische hof konden ze de luipaarden van Philips de Stoute bestuderen en in Parijs kregen ze te zien hoe de keizer van Byzantium en zijn hofhouding zich kleedden, toen Manuel II Paleologus twee jaar lang bij de Franse koninklijke familie te gast was. Al deze waarnemingen kwamen te pas bij het vervaardigen van deze afbeeldingen van de Drie Koningen.

De Aanbidding der Wijzen vertoont nog een laatste keer alle elementen van het middeleeuwse kerstverhaal: de ster, de stal, de engelenkoren, de herders, de koningen en in de verte Bethlehem. Niet Parijs heeft hier model gestaan voor Bethlehem, maar de hertog van Berry's eigen hoofdstad Bourges. We herkennen de toren van de St.-Etiènne en ook de Sainte Chapelle, waar een vierde broeder Van Limburg, Rogier, kanunnik was en waar de hertog zijn belangrijkste relikwieën bewaarde, zoals de verlovingsring van St.-Jozef en een druppel moedermelk van de Heilige Maagd.

x

fol 150v 151 retuschiert 200x280fol 155v 156 retuschiert 200x280 fol 160v 161 retuschiert 200x280 fol 16 retuschiert 200x280 fol 87v 88 1 retuschiert 200x280

© 2016 Stichting Gebroeders van Limburg

024 3602414

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Postbus 1180, 6501 BD Nijmegen